Neuralex RechtspraakNeuralex Rechtspraak
Inloggen staging

Centrale Raad van Beroep

ECLI:NL:CRVB:2023:457

2023-03-07 Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht 21 / 2281 PW-PV
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen

Gegevens

Instantie
Centrale Raad van Beroep
Uitspraakdatum
2023-03-07
Publicatiedatum
2023-03-13
Rechtsgebied
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure
Hoger beroep
Zaaknummer
21 / 2281 PW-PV
Type
Uitspraak
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Inhoudsindicatie

Geen bijstand met terugwerkende kracht. Het college heeft appellanten bijstand toegekend met ingang van de datum van melding. Appellanten hebben niet aannemelijk gemaakt dat bijzondere omstandigheden rechtvaardigen dat bijstand met terugwerkende kracht wordt toegekend.

Citeert (3)

Geciteerd door (2)

Volledige tekst

Volledige tekst (3.774 tekens)
212281 PW-PV

Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer











Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 10 juni 2021, 21/625 (aangevallen uitspraak)







Partijen:




[appellant 1] en [appellant 2] te [woonplaats] (appellanten)



het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam (college)




Datum uitspraak: 7 maart 2023



Zitting heeft: K.M.P. Jacobs
Griffier: E.P.J.M. Claerhoudt

Appellant is verschenen, bijgestaan door mr. M. el Idrissi. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. A. Zonneveld.





BESLISSING


De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.



Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.



Het college heeft appellanten bijstand toegekend met ingang van de datum van melding, te weten 18 september 2020. Het college heeft geweigerd bijstand met terugwerkende kracht te verlenen per 1 januari 2010.



Appellanten voeren aan dat bijzondere omstandigheden rechtvaardigen dat bijstand met terugwerkende kracht wordt toegekend. Zij hebben daartoe, evenals in beroep, gesteld dat uit de toekenning van een uitkering ingevolge de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering blijkt dat appellant medische klachten heeft, dat hij de Nederlandse taal niet machtig is en bij gebreke van begeleiding er nooit op gewezen is dat hij recht heeft op aanvullende bijstand.



De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard. De rechtbank heeft daartoe overwogen dat het college zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat van bijzondere omstandigheden geen sprake is. Het lag op de weg van appellanten om die omstandigheden aannemelijk te maken. Dat hebben zij volgens de rechtbank niet gedaan. De aard en ernst van de psychische klachten zijn niet onderbouwd, bijvoorbeeld met medische stukken. Voorts is niet onderbouwd dat appellanten niet eerder een aanvraag hadden kunnen indienen of dat zij geen hulp hebben kunnen inroepen. Verder is volgens de rechtbank niet gebleken dat de door appellanten gestelde beperkte taalbeheersing ertoe heeft geleid dat zij niet in staat waren eerder een aanvraag in te dienen. De rechtbank verwijst daartoe naar de uitspraak van 21 maart 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:1121. Ten slotte is volgens de rechtbank het verkeren in bijstandbehoevende omstandigheden geen bijzondere omstandigheid op grond waarvan bijstandverlening met terugwerkende kracht gerechtvaardigd is. De rechtbank verwijst daartoe naar vaste rechtspraak, bijvoorbeeld de uitspraak van 10 november 2020, ECLI:NL:CRVB:2020:2835.



De Raad kan zich vinden in het oordeel van de rechtbank en in de overwegingen waarop dat oordeel rust. De Raad voegt daar nog aan toe dat volgens vaste rechtspraak (uitspraak van 15 oktober 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:2051) ook onbekendheid met wettelijke regelgeving of een gebrek aan voorlichting van de zijde van het college niet leidt tot een bijzondere omstandigheid op grond waarvan afwijking van het uitgangspunt dat geen bijstand met terugwerkende kracht wordt verleend, te rechtvaardigen is.



Het hoger beroep slaagt dus niet.



Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.




De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer





(getekend) E.P.J.M. Claerhoudt (getekend) K.M.P. Jacobs