Centrale Raad van Beroep
ECLI:NL:CRVB:2018:1235
2018-04-25
Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
17/3914 WAO-R
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 25 april 2018, zie ECLI:NL:CRVB:2018:1236 voor de gerectificeerde tekst.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (2)
- ECLI:NL:CRVB:2024:1780 Centrale Raad van Beroep 11-09-2024
- ECLI:NL:CRVB:2024:1780 Centrale Raad van Beroep 11-09-2024
Volledige tekst
Volledige tekst (2.260 tekens)
173914 WAO-R
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 31 januari 2018, 17/3914 WAO
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 25 april 2018
PROCESVERLOOP
Appellant heeft bij brief van 15 februari 2018 gewezen op een kennelijke fout in de uitspraak van 31 januari 2018.
De Raad heeft vastgesteld dat in overweging 4.5 van de uitspraak onjuistheden staan vermeld.
OVERWEGINGEN
1. In de laatste zin van overweging 4.5 is vermeld:
In feite komt Gille tot een andere beoordeling van reeds bekende feiten en omstandigheden, die door appellant ook eerder in bezwaar tegen het besluit van 21 april 2011, in beroep tegen het besluit van 20 december 2011 of in hoger beroep tegen de uitspraak van 30 mei 2012, al dan niet ondersteund door een rapport, naar voren hadden kunnen worden gebracht.
2. De Raad wijzigt deze laatste zin van overweging 4.5 als volgt:
In feite komt Gille tot een andere beoordeling van reeds bekende feiten en omstandigheden.
3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 31 januari 2018, 17/3914 WAO, met de wijzigingen als in overweging 2 zijn weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door J.S. van der Kolk als voorzitter en E.W. Akkerman en
A.T. de Kwaasteniet als leden, in tegenwoordigheid van M.A.A. Traousis als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 25 april 2018.
(getekend) J.S. van der Kolk
(getekend) M.A.A. Traousis
UM
Centrale Raad van Beroep
Meervoudige kamer
Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 31 januari 2018, 17/3914 WAO
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 25 april 2018
PROCESVERLOOP
Appellant heeft bij brief van 15 februari 2018 gewezen op een kennelijke fout in de uitspraak van 31 januari 2018.
De Raad heeft vastgesteld dat in overweging 4.5 van de uitspraak onjuistheden staan vermeld.
OVERWEGINGEN
1. In de laatste zin van overweging 4.5 is vermeld:
In feite komt Gille tot een andere beoordeling van reeds bekende feiten en omstandigheden, die door appellant ook eerder in bezwaar tegen het besluit van 21 april 2011, in beroep tegen het besluit van 20 december 2011 of in hoger beroep tegen de uitspraak van 30 mei 2012, al dan niet ondersteund door een rapport, naar voren hadden kunnen worden gebracht.
2. De Raad wijzigt deze laatste zin van overweging 4.5 als volgt:
In feite komt Gille tot een andere beoordeling van reeds bekende feiten en omstandigheden.
3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 31 januari 2018, 17/3914 WAO, met de wijzigingen als in overweging 2 zijn weergegeven.
Deze uitspraak is gedaan door J.S. van der Kolk als voorzitter en E.W. Akkerman en
A.T. de Kwaasteniet als leden, in tegenwoordigheid van M.A.A. Traousis als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 25 april 2018.
(getekend) J.S. van der Kolk
(getekend) M.A.A. Traousis
UM