Centrale Raad van Beroep
ECLI:NL:CRVB:2012:BY4064
2012-11-16
Bestuursrecht
11-2848 WAO
Geen vernietiging bekend in de formele procesketen
Inhoudsindicatie
Appellant is niet verzekerd voor de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, De verstrekte gegevens zijn onvoldoende om tot een beoordeling te komen.
Citeert (0)
- geen
Geciteerd door (3)
- ECLI:NL:CRVB:2016:968 Centrale Raad van Beroep 18-03-2016
- ECLI:NL:CRVB:2016:968 Centrale Raad van Beroep 18-03-2016
- ECLI:NL:CRVB:2014:4066 Centrale Raad van Beroep 05-12-2014
Volledige tekst
Volledige tekst (2.512 tekens)
11/2848 WAO
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 12 april 2011, 10/3931 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B.] (Marokko) (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 16 november 2012
PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 19 oktober 2012. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. J. Koning.
OVERWEGINGEN
1. De rechtbank heeft op grond van de in de aangevallen uitspraak weergegeven overwegingen het beroep van appellant gericht tegen het besluit van 1 juli 2010 ongegrond verklaard. Bij dat besluit heeft het Uwv, beslissend op bezwaar, geoordeeld dat appellant ten tijde van zijn aanvraag van 22 mei 2009 voor een invaliditeitspensioen niet verzekerd was voor de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, aangezien zijn dienstverband op 6 juli 1992 was geëindigd, hij al in 1993 definitief is teruggekeerd naar Marokko en hij geen werkzaamheden in Nederland meer heeft verricht. Over de aanvraag om toepassing van de Algemene arbeidsongeschiktheidswet zijn de verstrekte gegevens onvoldoende om tot een beoordeling te komen.
2. Appellant heeft in hoger beroep gronden aangevoerd die hij ook reeds in beroep heeft aangevoerd. Die gronden strekken ten betoge dat hij invalide is en onder medische behandeling staat. Hij heeft verwezen naar medische gegevens van Marokkaanse artsen.
3.1. Naar het oordeel van de Raad heeft de rechtbank die gronden afdoende besproken en heeft zij overtuigend gemotiveerd waarom die gronden niet slagen. De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank.
3.2. Het hoger beroep van appellant treft dus geen doel. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
4. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door T. Hoogenboom, in tegenwoordigheid van I.J. Penning als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 16 november 2012.
(getekend) T. Hoogenboom
(getekend) I.J. Penning
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 12 april 2011, 10/3931 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B.] (Marokko) (appellant)
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)
Datum uitspraak: 16 november 2012
PROCESVERLOOP
Appellant heeft hoger beroep ingesteld.
Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 19 oktober 2012. Appellant is niet verschenen. Het Uwv heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. J. Koning.
OVERWEGINGEN
1. De rechtbank heeft op grond van de in de aangevallen uitspraak weergegeven overwegingen het beroep van appellant gericht tegen het besluit van 1 juli 2010 ongegrond verklaard. Bij dat besluit heeft het Uwv, beslissend op bezwaar, geoordeeld dat appellant ten tijde van zijn aanvraag van 22 mei 2009 voor een invaliditeitspensioen niet verzekerd was voor de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, aangezien zijn dienstverband op 6 juli 1992 was geëindigd, hij al in 1993 definitief is teruggekeerd naar Marokko en hij geen werkzaamheden in Nederland meer heeft verricht. Over de aanvraag om toepassing van de Algemene arbeidsongeschiktheidswet zijn de verstrekte gegevens onvoldoende om tot een beoordeling te komen.
2. Appellant heeft in hoger beroep gronden aangevoerd die hij ook reeds in beroep heeft aangevoerd. Die gronden strekken ten betoge dat hij invalide is en onder medische behandeling staat. Hij heeft verwezen naar medische gegevens van Marokkaanse artsen.
3.1. Naar het oordeel van de Raad heeft de rechtbank die gronden afdoende besproken en heeft zij overtuigend gemotiveerd waarom die gronden niet slagen. De Raad onderschrijft de overwegingen van de rechtbank.
3.2. Het hoger beroep van appellant treft dus geen doel. De aangevallen uitspraak moet worden bevestigd.
4. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraak.
Deze uitspraak is gedaan door T. Hoogenboom, in tegenwoordigheid van I.J. Penning als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 16 november 2012.
(getekend) T. Hoogenboom
(getekend) I.J. Penning